Waarom is wiskunde nou zo moeilijk?

closeup van een pen liggend in een schrift met wiskundige formules

In de jaren 80 bestonden er barbiepoppen die verzuchtten: “Wiskunde is moeilijk”. En nog steeds is wiskunde, in ieder geval bij StudentsPlus, het meest aangevraagde bijlesvak. Welke vorm van wiskunde, dat doet er niet eens heel veel toe. Of het nu statistiek is, algebra of meetkunde, veel leerlingen kunnen gewoon echt niet met die getalletjes uit de voeten.

Hoe komt het dat scholieren juist wiskunde heel moeilijk vinden? Waarom is wiskunde, en niet Nederlands (ook een verplicht eindexamenvak), het grootste struikelblok?

 

Die vreemde tekentjes
Heb je ooit een taal geprobeerd te leren met een ander schrift, zoals Grieks of Chinees? In het begin ben je meer bezig met het ontcijferen van al die rare kriebeltjes dan met de woorden zelf. Zo werkt het ook bij wiskunde. Als je je de betekenis van de symbolen niet eigen hebt gemaakt, dan kun je er ook weinig mee doen. En nieuwe symbolen blijven erbij komen, tot aan het eindexamen!

Omdenken: zie het als een soort geheimschrift. Toen ik eenmaal briefjes met geheime boodschappen ging uitwisselen met mijn vriendinnen, had ik de Griekse tekens zo onder de knie. Kun je met wiskundige tekens ook zoiets bedenken?

 

Wiskunde is abstract
Op een forum kwam ik de uitspraak tegen: “Niemand kent werkelijke wiskundige objecten, maar we zien slechts de afspiegelingen ervan”. Hoewel deze uitspraak door veel anderen werd afgedaan als semi-filosofisch gezever, raakt deze wel aan de kern van het probleem: wiskunde is niet zichtbaar, wiskunde is abstract. De meeste leerlingen kunnen zich zelfs bij een natuurkundige formule nog wel wat voorstellen. Snelheid kun je berekenen door de afgelegde afstand te delen door de tijd. Als je in twee uur 36 km fietst, dan is je snelheid dus 18 km/h. Wat je in vredesnaam doet als je een functie differentieert, kunnen de meeste leerlingen niet voor zich zien. Met name leerlingen die veel visualiseren, haken hier af.

Omdenken: dat je wiskunde niet visueel kunt maken, is niet helemaal waar. Door dingen op de juiste manier op te schrijven, kun je juist heel interessante patronen ontdekken in wiskundige concepten. Kijk maar eens wat ze in dit (Engelstalige) artikel doen met tafels en met priemgetallen.

Wiskundefaalangst
Als zelfs je barbiepop je heeft verteld dat wiskunde een moeilijk vak is, dan moet het ook wel moeilijk zíjn. De reputatie van het vak wiskunde is daarmee meteen zijn grootste vijand. Veel leerlingen, en met name meisjes, groeien op met het idee dat wiskunde moeilijk is en dat ze het wel niet zullen kunnen. Bij de eerste de beste moeilijke som denken ze “zie je wel” en geven ze het op.

Omdenken: niet alleen scholieren vinden wiskunde moeilijk. Het is moeilijk om een student wiskunde te vinden die zegt dat het vak een eitje is. Met als enige verschil: de studenten wiskunde laten zich niet uit het veld slaan door een ogenschijnlijk onmogelijke opgave, zij zien die opgave als een uitdaging.
Stop in ieder geval met zeggen dat wiskunde moeilijk is. Zeg in plaats daarvan dat wiskunde een leuke puzzel is. Als iedereen op die manier zou praten, worden leerlingen in ieder geval van tevoren niet meer ontmoedigd om überhaupt aan het vak te beginnen.

 

Wat kun je eigenlijk met wiskunde?
Kom je wiskunde in het dagelijks leven nog tegen? Hoe vaak bereken je buiten school integralen of houd je je bezig met logaritmische verbanden? Waar doe je het dan eigenlijk voor? Is wiskunde niet alleen de moeite van het leren waard voor mensen die daadwerkelijk wiskunde willen gaan studeren?

Omdenken: veel wiskunde pas je buiten je wiskundelessen inderdaad niet toe. Maar geldt dat niet voor meer vakken? Hoeveel doe je buiten school met de jaartallen die je bij geschiedenis leert? En waarom moet je Frans kunnen spreken, als je nooit in Frankrijk komt?
Daarnaast geeft wiskunde je wel andere dingen mee. Patronen kunnen herkennen bijvoorbeeld, of logisch redeneren. Een beetje gevoel hebben voor cijfers, en weten dat een statistische kans niet hetzelfde is als de waarheid. En natuurlijk de korting op dat ene leuke jurkje bij de H&M berekenen.

En wat dacht je van een technologisch hoogstandje als die pratende barbie? Die was er zonder wiskunde niet geweest!

 

– Sanne Velthuis